DEZE SITE WORDT NIET MEER GEACTUALISEERD! KIJK VOOR ACTUELE INFORMATIE OP DE SITE VAN HET LIMBURGS GESCHIED- EN OUDHEIDKUNDIG GENOOTSCHAP
Rond het midden van de vorige eeuw groeide in de provincie Limburg -pas korte tijd een staatkundige eenheid die haar identiteit nog moest ontdekken- de belangstelling voor de geschiedenis van de eigen streek. Dit kwam in 1863 tot uiting in de oprichting van een historische vereniging, de Société historique et archéologique dans le Limbourg, die naderhand haar naam vernederlandste tot Limburgs Geschied- en Oudheidkundig Genootschap (LGOG). Dit genootschap dat nu zo'n 3000 leden telt, stelt zich ten doel de kennis van de gewestelijke geschiedenis en oudheidkunde van Limburg in de meest ruime zin te bevorderen en de belangstelling voor deze geschiedenis in de Limburgse samenleving te wekken.
Het Genootschap is geografisch opgedeeld in Kringen die in het bijzonder aandacht besteden aan de eigen geschiedenis van die kringgebieden. De Kringen organiseren lezingen, kleine excursies en plaatselijke activiteiten met het doel de lokale en regionale geschiedenis te leren kennen. Eén van die kringen is de Historische Kring Land van Valkenburg en Heuvelland. Daarnaast kent het genootschap nog de kringen Heerlen, Horst, Maas en Niers (Gennep), Maastricht, Roermond, Sittard, Venlo, Venray en Weert.
Voor het bestuderen en beoefenen van bepaalde onderdelen van de Limburgse geschiedenis bestaan binnen het genootschap enkele secties, waarvan het werkterrein zich over de hele provincie uitstrekt. Het betreft de secties archeologie, genealogie en monumenten en ondergrondse bouwwerken. Voor het lidmaatschap van een Sectie moet men zich apart opgeven en een afzonderlijke bijdrage betalen.
Leden ontvangen jaarlijks het jaarboek van het genootschap, dat nog steeds een Franse titel draagt: Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg. Deze wetenschappelijke uitgave, die tot de oudste historische periodieken van ons land behoort, wordt kosteloos aan de leden toegezonden. Eveneens ontvangen de leden het tijdschrift De Maasgouw, dat vier keer per jaar verschijnt en doorgaanse kortere en meer populair-wetenschappelijke artikelen bevat. Tevens verschijnt onregelmatig een deel uit de serie Werken LGOG, waarop de leden met korting kunnen intekenen.
Het bureau van het LGOG is gevestigd in Maastricht, Brusselsestraat 10D, tel. 043-3212586. Als postadres dient men uitsluitend te gebruiken : Bureau LGOG, Postbus 83, 6200 AB, Maastricht.
Voor meer informatie over de Historische Kring Land van Valkenburg en Heuvelland kunt U gegevens opvragen via e-mail of via het post-adres: Overheek 4, 6343 PC, Klimmen.
Vergeet U niet ons gastenboek te tekenen?
Constant De Maeijer, voorzitter van het Limburgs Geschied- en Oudheidkundig Genootschap kring Valkenburg en Heuvelland en kring Heerlen over de contactdag van de heemkunde verenigingen in Klimmen.
1 Wat was het onderwerp?
"We hebben gepraat over filmarchivering. Het is belangrijk om materiaal dat er van Limburg is te bewaren. De ervaring is dat mensen heel snel vergeten. Een film geeft je een goed inzicht in de wereld van die tijd en geeft meer informatie prijs dan foto's.'
2 Zijn films niet gevoeliger om te bewaren dan foto's?
"Foto's kun je inderdaad altijd bekijken. Daar is geen speciale apparatuur voor nodig. Momenteel wordt alle materiaal dat we hebben, vastgelegd op DVD. Dat kan met alles, ook filmbeelden die op 8- en 16 mm zijn opgenomen. De computer is zelfs zo slim om ontbrekende fragmenten, bijvoorbeeld ontstaan door een storing, weer te reconstrueren. De kwaliteit op DVD is honderd procent en blijft ook.'
3 Fanatiek wordt er pas de laatste twintig, dertig jaar gefilmd. Is er materiaal beschikbaar uit pakweg de eerste helft van de twintigste eeuw?
"De oudste film die wij tot onze beschikking hebben is uit 1915. De beelden tonen een oefening van Limburgse Huzaren op een hei bij Venlo. Tot aan de jaren zestig was filmen duur. Dus is het materiaal beperkt. Iedere tijd heeft echter dingen die voor ons de moeite waard zijn om te bewaren voor het nageslacht. Welk kind dat nu geboren wordt, kan zich voorstellen dat er vijftig jaar geleden bijna geen auto's rondreden?'
4 Hoe is de belangstelling voor heemkunde?
"Heemkunde concentreert zich rond de kerktoren. We merken dat mensen heel geïnteresseerd zijn in de geschiedenis van hun dorp. Tentoonstellingen trekken veel bezoekers. Maar diezelfde expositie leeft twee dorpen verder helemaal niet, omdat de herkenbaarheid ontbreekt. Uitzonderingen daargelaten, moeten mensen ook een bepaalde leeftijd hebben. Je kijkt heel lang vooruit en pas op latere leeftijd wordt achteruit gekeken.'
5 Blijven de verenigingen constant op zoek naar filmbeelden?
"Ja, we weten dat er genoeg materiaal bij de mensen is waar niets mee gedaan wordt. Meestal liggen die films op zolder en dat komt de kwaliteit niet ten goede. Eigenlijk moeten de films in de koelkast. We kunnen in principe alles gebruiken. Een communie bijvoorbeeld is een jaarlijks feest, maar kan op duizenden manieren gevierd worden. En daar zijn ook evenveel video's van. We willen voorkomen dat materiaal verloren gaat omdat mensen niet beseffen dat het voor ons waardevol is. Mensen die films hebben, kunnen dan ook altijd contact zoeken met het Limburgs Film- en Video-archief in Venlo. Die bekijken dan of het materiaal interessant is.'
Wilma Loop, in: DE LIMBURGER 29-05-2000
De Museumserver - platform voor Nederlandse musea op het Internet
Een van de meest bekende monumenten van Valkenburg
is de kasteelruine. Het complex dateert vermoedelijk
uit de twaalfde eeuw en is vele malen het strijd-
toneel geweest van belegeringen en krijgsgeweld.
In 1672 werd het kasteel in opdracht van stadhouder
Willem III opgeblazen. Het is nooit meer herbouwd.
Valkenburg wordt voorzover we tot nu toe weten voor
het eerst met name genoemd in een oorkonde uit 1041.
Dan schenkt de Duitse keizer Hendrik III onder andere
"Falchenberg"aan zijn nicht Ermingardis. De oorkonde
is gedagtekend 15 februari 1041. Om deze datum in
herinnering te roepen is enige jaren geleden de
Stichting 15 Februari in het leven geroepen. Op
instigatie van deze stichting is een onlangs
gerealiseerd pleintje in de Plenkertstraat te
Valkenburg omgedoopt tot Plein 15 Februari.
Vermoedelijk ligt de oorsprong van Valkenburg in het
dorpje Oud-Valkenburg. Van daaruit hebben de heren
van Valkenburg later de burcht op de Heunsberg
gebouwd.
* Kasteel Genhoes te Oud-Valkenburg
In 1121 is er voor het eerst uitdrukkelijk sprake in bronnen van een donjon te Valkenburg. Op dat moment wordt de heerlijkheid geregeerd door Gosewijn I van Heinsberg. Als in 1119 in een strijd tussen de prins-bisschop van Luik en de Duitse keizer Gosewijn partij kiest voor Luik, haalt hij zich de woede op de hals van zijn eigenlijke leenheer, de Duitse keizer. In 1122 belegert graaf Godfried I van Leuven in opdracht van de keizer de Valkenburgse burcht. Na een beleg van zes weken wordt het kasteel ingenomen en verwoest. Het is de eerste in een lange reeks van bezettingen en verwoestingen in de loop der geschiedenis.
Enkele hoogtepunten:
1214 Belegering van Valkenburg door de legers van de Duitse keizer Frederik II en de prins-bisschop van Luik. Het kwam tot een wapenstilstand.
1288 Slag bij Woeringen : strijd om de erfopvolging van het Hertogdom Limburg tussen Jan I van Brabant en Reinoud van Gelre. Walram de Rosse van Valkenburg kiest partij voor Gelre en verliest in de roemruchte slag het puntje van zijn neus. De Brabanders winnen uiteindelijk de strijd. Walram weigert echter Jan I te erkennen als hertog van Limburg met als gevolg dat in augustus 1288 het kasteel van Valkenburg wordt belegerd. Walram ontsnapt via geheime gangen, die nog steeds zijn te vinden in de Fluwelengrot te Valkenburg. Later komt het tot een verzoening.
1302 Dood van Walram
1303 Belegering van Valkenburg door de prins-bisschop van Luik, die in conflict was geraakt met de hertog van Brabant over de heerschappij over Maastricht. Of er toen daadwerkelijk een beleg in Valkenburg is geweest, wordt door diverse historici betwijfeld
1327 Beleg van Valkenburg door Jan III van Brabant, bedoeld om de opstandige Reginald van Valkenburg te bedwingen. Deze Reginald behoorde in het rijtje van roofridders thuis. Na een beleg van negen weken kwam het tot een wapenstilstand
1328 Heer van Heinsberg en Jan van Born plegen een aanslag op de burcht van Valkenburg, waarbij het kasteel gedeeltelijk werd verwoest en een deel van de Valkenburgse bevolking over de kling werd gejaagd. Reginald reageerde door al plunderend door het hertogdom Limburg te trekken.
1329 Valkenburg wordt opnieuw belegerd door hertog Jan III van Brabant. Na een beleg van elf weken werd het kasteel veroverd en vernietigd. Bij de strijd sneuvelde Walram, de zoon van Reginald. Reginald bevond zich op dat moment in zijn burcht te Monschau. Daar zou hij in 1333 sneuvelen tijdens een beleg door zijn aartsvijand de hertog van Brabant
1335 herbouw van de veste Valkenburg onder Dirk IV, de tweede zoon van Reginald.
1352 Dood van Jan van Valkenburg, de laatste heer van Valkenburg. Hij sterft kinderloos en er volgt een langdurig getwist over de erfopvolging. Maar liefst acht personen claimden het bezit van Valkenburg. Later liet ook hertog Wenceslaus zijn oog op Valkenburg vallen, maar het zou tot 1381 duren eer de hertog van Brabant volledig erkend werd als graaf van Valkenburg. Hij liet zich in het Valkenburgse vertegenwoordigen door een drossaard. De eerste Brabantse drossaard werd Reinard Thoreel van Bernau, oorspronkelijk schout van Maastricht. Hij trad vaak als geldschieter van de voortdurend in geldnood verkerende hertog van Brabant op!
1465 Opstandige Luikenaren onder leiding van de wijngaardeniers Raes de Heers en Baré-Surlet belegeren Valkenburg. Inmiddels had plaatsvervangend drossaard Dirk van Pallandt kasteel en stad van Valkenburg versterkt en gezorgd voor voldoende verdediging en bewaking. Zo werd de droge gracht bij het kasteel, de Dwingel, zes meter uitgediept. Ook werd aan de oostzijde van de stadsmuur een borstwering gebouwd en werden wallen, poorten en torens zwaar versterkt. Het beleg duurde slechts twee dagen en één nacht. In korte tijd werden de daken van huizen en kasteel zwaar beschadigd. De Luikenaren dropen snel af, omdat hulp in de persoon van hun prins-bisschop Marcus van Baden uitbleef. Op de goede afloop werd flink gefeest in wijnhuis Faber, thans hotel De L'Empereur in de Grote Straat- Centrum te Valkenburg.
1467 Benoeming van Dirk van Pallandt tot drossaard van Valkenburg. Voor de aanvaarding van zijn ambt leende hij een bedrag van ruim 9000 gulden aan de hertog.
1481 Dood van Dirk van Pallandt. Hij werd eerst in Aken begraven, maar later werd zijn stoffelijk overschot naar de H.H. Nicolaas- en Barbarakerk te Valkenburg overgebracht. Zijn grafsteen werd eeuwen later herontdekt en is thans te vinden bij de stadswallen in park Den Halder.
1568 De Tachtigjarige Oorlog barst los. Korte tijd bezet Willem van Oranje het kasteel van Valkenburg. Zijn Spaanse opponent Alva herovert de burcht echter spoedig weer.
De verwoesting van de springplank naar Maastricht
door Rob Cox
Ooit had het kasteel van Valkenburg een militair-strategische functie. Uit angst voor de Fransen verordonneert stadhouder Willem III in 1672: "Blaas het de lucht in."
Zes december 1672, vroeg in de ochtend. De Fransman in de uitkijkpost in de 48 meter hoge Wolfstoren van het Valkenburgs kasteel ziet helemaal niets. Het is zes uur en aardedonker. Maar op twee kilometer afstand maant kolonel Asquin zijn mannen tot spoed. De legeraanvoerder uit Maastricht wil nog voor zonsopgang de Valkenburgse burcht in de tang nemen. Een uur later hoort de Franse uitkijk het eerste gerinkel van gespen en wapens. Hij alarmeert meteen het in het kasteel gelegerde garnizoen, maar het is al te laat. De Staatse troepen uit Maastricht hebben de hoogteburcht omsingeld en zijn vastberaden de Fransen nog voor het vallen van de avond de Geulvallei uit te jagen. Het lijkt een onmogelijke klus. De wallen van het stadje Valkenburg en het kasteel zijn koud, hard en hoog. Grendelpoort en Berkelpoort zijn gebarricadeerd en een bestorming via de nauwe toegangsweg tot het kasteel, de ‘dwingert’, is een levensgevaarlijke operatie. Maar het is in het verleden vaker gelukt om de Valkenburgse burcht in te nemen.
Het gezicht van kolonel Asquin klaart op als later op de dag het bataljon van de Schotse huurlingen-kolonel Kilpatrick zich bij het zijne voegt. Het zijn geharde mannen die al vaker slag geleverd hebben. En, belangrijker, ze hebben ervaren mineurs - genietroepen - in hun gelederen. Mannen die weten hoe ze om moeten gaan met buskruit. Sinds de introductie van springstof in Europa zijn zelfs de meest onneembare vestingen kwetsbaar geworden. De mineurs van Kilpatrick maken handig gebruik van de gatenkaas onder het Valkenburgse kasteel. De gangen die de Valkenburgers uithakten voor mergelwinning en die ook als vluchtweg konden dienen, worden deze keer gebruikt om de vesting te belagen. Enkele uren later steken de mineurs de lonten van het buskruit aan en maken zich uit de voeten. De resterende troepen van Asquin en Kilpatrick maken zich op voor het gevecht.
Dan volgen enkele gigantische explosies. De eerste verdedigingslinie van Valkenburg vliegt de lucht in. De Staatse troepen stromen door de bressen het stadje binnen en nemen vrijwel direct de Grendelpoort en Berkelpoort in. De Fransen trekken zich wanhopig terug in het kasteel zelf. Ze kunnen niets doen tegen de overmacht van Asquin en Kilpatrick. Als de avond valt, rond vier uur, is het pleit beslecht: de Fransen capituleren. Valkenburg is weer Hollands.
Twee dagen later hoort stadhouder Willem III van zijn overwinning in Valkenburg. Uiteraard is hij blij, maar gerust zeker niet. Valkenburg is door de eeuwen heen altijd een bedreiging geweest voor de hele omgeving, en zeker ook voor Maastricht. Toen Gosewijn I van Heinsberg zijn eerste verdedigingstoren op de Heunsberg bouwde rond 1100, had die tot doel de rijke proosdij van Meerssen te domineren. Nog geen twintig jaar na de bouw stuurde de Duitse keizer al een legertje naar Valkenburg om de versterking van Gosewijn met de grond gelijk te maken. Maar vier jaar na de succesvolle vernietiging had Gosewijn zijn donjon weer herbouwd. De volgende 550 jaar was Valkenburg van krijgskundige betekenis in alle feodale oorlogen tussen Spanjaarden, Fransen, prins-bisschoppen, koningen, keizers en graven. Wie Valkenburg bezat, had een springplank naar Maastricht.
En die strategische ligging werd het kasteel in 1672 noodlottig. Stadhouder Willem III, goed op de hoogte van de springplank-functie van Valkenburg, kan het zich niet permitteren dat de burcht weer in Franse handen valt zodat ze vandaaruit ‘zijn’ Maastricht kunnen belagen. Er is maar een oplossing. "Blaas het kasteel de lucht in", verordoneert de Hollandse stadhouder. De mineurs van Kilpatrick gaan weer aan het werk. De drie machtige hoektorens: Wolfstoren, Capruyntoren en Molentoren worden ondermijnd. Onder de fundamenten worden zware springladingen gelegd. Op 10 december schudt de hele omgeving als bij een aardbeving. De hoge Wolfstoren knikt en valt in zijn gehele lengte van 48 meter in de droge slotgracht, de huidige Dwingel. De top komt onderaan de Daalhemmerweg te liggen. Het buskruit doet zijn werk zo goed dat eeuwen later tonnenzware brokstukken van de toren fundamenten meters van hun oorspronkelijke plaats worden opgegraven. De eens zo machtige burcht is zijn tanden kwijt en verliest definitief zijn militaire betekenis. Wat nog rest van de bebouwing wordt gesloopt door de elementen en de bewoners van Valkenburg die het kasteel gebruiken als steengroeve. Hardstenen raamomlijstingen worden voordeurtrappen of dorpels. Een smid haalt de ronde sluitsteen uit het nog intacte gewelf van de kapel omdat hij een slijpsteen nodig heeft. De kapel stort daarbij in.
Zo krijgt Valkenburg de ruïne die nu nog steeds een van de grootste trekpleisters is van de toeristenstad. Het opblazen van het Valkenburgs kasteel heeft stadhouder Willem III overigens niet gebaat. Een jaar later nemen de Fransen alsnog vrij gemakkelijk Maastricht in. In het streekmuseum van Valkenburg hangt een zeventiende-eeuwse prent van de ruïne van Valkenburg. Ook zijn er diverse andere schilderijen te zien die het voormalige kasteel in beeld brengen. In het Limburgs Museum te Venlo is een maquette te zien van het kasteel (zie foto bovenaan deze pagina)
BRON : DE LIMBURGER 10-04-1999