bekenden




beginpagina             geschiedenis            adressen             foto's             links            organisatie        gastenboek


Oprichting Albertine Agnesschool

1867 Groep ouders richt een verzoek aan de gemeente Schoterland om in Oranjewoud een school te mogen oprichten.
Namens een groep van 42 ouders richt de heer J.S. Brandsma, tuiman op Klein Jagtlust, een verzoek aan de gemeenteraad van Schoterland om een school te mogen stichten in Oranjewoud.
De gemeente had er eerst wel oren naar, want op 29 oktober 1867 heeft de gemeente architect E. de Graaf rapport uitgebracht tot het aankopen en verbouwen van de woning, bewoond door Mintje de Vries te Oranjewoud, tot een schoolmeesterwoning.
Op 16 januari 1868 besluit de gemeenteraad van Schoterland echter geen school te bouwen te Oranjewoud.

1868 Gedeputeerde Staten van Friesland menen dat er wel plaats is voor een school.
Gemeente Schoterland beschikt afwijzend.

Tegen dit besluit doen J.S. Brandsma en de 42 anderen een beroep aan de koning. 

1868 Minister van Binnenlands Zaken beschikt dat er wel een school moet komen.
Gemeente Schoterland blijft weigeren.

Naar aanleiding van dit beroep op de koning kreeg de gemeenteraad van Schoterland, op verzoek van de minister, opdracht advies uit te brengen aan de Provinciale Staten van Friesland 
Ze stuurden veldwachter J. Kort bij alle bewoners in Oranjewoud langs om te vragen hoeveel kinderen ze hadden en waar ze naar school gingen.
Volgens de raad was het advies van de schoolopziener, in 1867, aan Provinciale Staten niet juist, want van de 146 opgegeven kinderen, van 5 tot 12 jaar, woonden er 39 in Bronerga, welke in Mildam naar school gingen en die konden daar volgens de raad gevoeglijk blijven. Verder konden 49 kinderen bij een op de school in Oudeschoot blijven en gingen er nog een tiental op de bijzondere Christelijke Nationale school, van de heer Feits, in Heerenveen en tevens ging het gezin van J.S. Bosma met enige schoolgaande kinderen verhuizen naar Rottum, zodat er nog 49 kinderen overbleven, waarvoor het te kostbaar was een nieuwe school te stichten. De gemeente geeft echter wel toe dat Oranjewoud bij een toenemende bevolking wel als plaats voor een school geschikt is.

1869 Gedeputeerde Staten blijven aandringen op stichting school in Oranjewoud.

1871 Gemeente Schoterland weigert nog steeds.
De gemeente vraagt aan de koning om het gewijzigde besluit, van Gedeputeerde Staten van Friesland van 9 december 1869, een school te Oranjewoud te laten bouwen door Schoterland te vernietigen. En dit lukte, want op 3 januari 1871 lezen we dat de bouw van een school in Oranjewoud wegens verzet van de gemeente Schoterland niet door gaat.

1878 Gemeente Schoterland besluit toe te geven.
In 1879 besluit de gemeente Schoterland eindelijk dat er een school gebouwd kon worden in Oranjewoud. 

1878 Begroting school wordt ingediend (fl. 11.366,68)


1879 Aanbesteding bouw van de school
De aanbesteding werd op 15 april 1879. De aannemer, die het werk mocht uitvoeren, werd T. de Boer uit Munnikeburen, voor fl. 6.217,80, terwijl aan bergwerk fl. 514,-- werd betaald.
Drukkerij Jac. Hessel berekende fl. 49,83 voor het drukken van het bestek en landmeter Warmelink kreeg fl. 13,50 voor het in kaart brengen en opmeten van de grond, waarop de school gebouwd is.
Deze grond werd door de gemeente gekocht van mr. P. Heringa Cats voor het bedrag van fl.530,--.
De gemeente achitect kreeg fl. 420,-- voor het dagelijks toezocht bij de bouw van de school en de onderwijzers woning. 
Van de Provincie kwam aan subsidie fl. 2.438,28, van het rijk fl. 3.251,04. De rest was voor rekening van de gemeente.

1879 Eindelijk
School “nr. 13” is in november 1879 gereed, maar kan nog niet gebruikt worden, omdat het er nog te vochtig is. Jan van der Pol kreeg de opdracht, om in de periode van 13 november 1879 tot 31 december 1880, de school droog te stoken en hij kreeg hiervoor een vergoeding van fl. 14,-- . 

1880 Op 1 januari 1880 wordt Roelof Alving benoemd tot hoofd van de school
Naar de functie van hoofd van de school in Oranjewoud hebben 57 sollicitanten laten blijken interesse te hebben.. Van deze gegadigden namen 47 deel aan het examen. Dit examen werd afgenomen door schoolopzichter J.N. Valkhoff, bijgestaan de de heer Wisselink, directeur van de HBS te Heerenveen.
In de Leeuwarder Courant van 9 oktober 1879 staan de laatste zes overgebleven kandidaten: 
R.Alving uit Rotstergaast, D.Schuitemaker uit Mildam, B.Bolleman Kijlstra uit Hommerts, F.Duiker uit Leeuwarden, J.Kramer uit Oosterlittens en A.Visser uit Steenwijkerwold.
Op 18 oktober maakt de LC bekend dat de heer Alving nr. 1 is van de voordracht. 

1880 Daadwerkelijk gebruik van de school
Op 2 februari 1880 werd de school in gebruik genomen met 70 leerlingen. 

 



Hoofden en leerkrachten

Roelof Alving   1879 - 1886

Y. de Haan   1886 - 1916

O. Waterlander 1916 - 1940

Visser

 

W. Visser   1940 - 1953

J. Brandsma 1953 - 1976

S

 

S. van Dijk   1976-2003

 


beginpagina             geschiedenis            adressen             foto's             links            organisatie        gastenboek