pangandaran


Jüri geniet van de hoge golven een uitstekende plaats om te wandelen vissers in actie met het inhalen van de netten
Van Baturaden naar Pangandaran was weer een hele zit. Maar door het mooie uitzicht verveelde de rit nooit. Pangandaran is een vissersdorp dat door de toerist ontdekt is. Het ligt op een soort resort, want om  het gebied op te komen moet je door een toegangspoort waar betaald moet worden. Als je vanuit het hotel de straat overstak kwam je meteen op het strand. Op deze plek was de zee te wild om er in te zwemmen. De golven waren hoog en er was een gevaarlijke onderstroom. Maar er was voldoende ander vermaak. Je kon er heerlijk wandelen, de zee bewonderen en luieren.


Niet alleen het strand is een trekpleister, ook in het dorpje zelf kun je je goed vermaken. Er zijn leuke winkeltjes en kraampjes waar je allerlei spulletjes kunt kopen. En in Pangandaran zijn ook veel restaurantjes waar je heerlijk kunt eten.Vooral visgerechten zijn hier overheerlijk. Bij ons bezoek aan cafeetjes viel op dat veel jongeren thee dronken, geen sterke drank. Dit had te maken met de dure prijs van alcohol vertelde onze gids en natuurlijk ook vanwege hun moslim geloof. Hoewel het geloof in Indonesië niet zo fanatiek beleden wordt, hadden wij de indruk. We hadden in Malang een groep gesluierde moslim-meisjes gezien die onder begeleiding van katholieke nonnen een excursie aan het maken waren. In welke moslimstaat is dit mogelijk? Ook wilden gesluierde moslim-meisjes met onze schaars geklede jongens op de foto. Natuurlijk zijn er ook moslims die heel streng in de leer zijn en zich ook intolerant gedragen tegenover andersdenkenden. En 't zijn altijd deze groeperingen die steeds in 't nieuws komen. Over 't algemeen heeft de jeugd in Indonesië weinig te verteren. Onze kinderen konden nu goed zien hoe luxe ze 't in Nederland hadden vergeleken met hun leeftijdsgenoten hier. Maar ze vinden 't leven in Nederland zo normaal en ik hoop voor hen dat ze nooit enkele stappen terug hoeven te doen. Ze zijn zo gewend aan onze welvaart.
's Avonds hebben we op het strand bij een kampvuur nog muziek gemaakt met enkele Indonesische jongeren die een gitaar bij zich hadden. Zij zongen Indonesische liederen en wij Nederlandse en Engelse. Weer opvallend was dat ze samen deden met een paar flessen frisdrank, geen kratten bier zoals hier in Nederland, en aan hun reacties te zien hadden ze toch veel plezier. We werden uitgenodigd om bij hen te komen zitten. Als je met een klein groepje rondtrekt maak je toch snel contact met de plaatselijke bevolking. We kwamen hier ook Nederlanders tegen die met een groot reisgezelschap op vakantie waren en het viel meteen op hoe luidruchtig die zich gedroegen.Er zit in zo'n groep altijd wel een praatjesmaker die leuk schijnt te moeten zijn ten koste van anderen. In dit geval de Indonesische bediening. Op het onbeschofte af. Die dacht zeker nog dat Indonesië een kolonie van Nederland was. We vroegen aan een Indonesische ober wat hij van dit gedrag vond. Hij accepteerde dit gedrag, omdat er aan die mensen veel te verdienen viel. Maar het was voor ons wel beschamend om te zien.

Green Canyon

Net zoals vier jaar geleden brachten we ook nu weer een bezoek aan de Green Canyon. Met een eenvoudig motorbootje gingen we over de rivier richting canyon. Het landschap onderweg is weer heel mooi en als je geluk hebt, of pech, dan kun je in de bomen slangen zien. Het water van de rivier is helder. Na een leuke tocht kwamen we bij de canyon aan. Om in de canyon te komen moest je eerst over andere bootjes heen lopen, want het was daar wel druk op die dag. Francie, Ayse en ik bleven voor in de canyon wachten, terwijl Jüri, Rens en Lasja al zwemmend en klauterend de canyon verder introkken. Maar voor in de canyon was voor ons al genoeg te zien. Je ziet het water aan alle kanten de canyon binnenstromen en de zonnestralen die hier binnen kunnen dringen geven een mooie gloed aan het geheel.
De bezoekers die zich verder de canyon in durven te wagen vermaken zich goed in het water, ten minste dat vertelden onze kinderen.
In Pangandaran maakten we samen met een gids ook een tochtje naar een ander stuk strand waar de zee niet zo onstuimig was. Hier konden de kinderen body-surfen en zwemmen. Op het strand werden voor ons tafeltjes en stoeltjes klaar gezet zodat we weer heerlijk in de buitenlucht konden eten. Lasja liet zich hier door 'n plaatselijke kunstenaar een nep-tatoeage op z'n rug aanbrengen. Het zag er heel stoer en indrukwekkend uit, maar bij thuiskomst in Nederland was deze tatoeage al weer verdwenen. Hierna bezochten we een kampong waar de bewoners zelf een brug van stevig touw over de rivier hadden gemaakt. We voelden ons net acteurs in een Indiana-Jones film toen we erover heen liepen. En natuurlijk doken onze twee stoere jongens van deze brug in de rivier. De duik was verfrissend, maar toen ze aan de kant kwamen moesten ze door 'n  blubberig stuk grond lopen, waar ook glasscherven in zaten. Dit was minder leuk.

  • dit was die bewuste hangbrug over de rivier. Deze brug werd door de kampongbewoners zelf onderhouden. Als je erover heen wilde lopen, moest je een kleine bijdrage leveren. Over deze brug reden ook bromfietsers en motoren, hij was dus stevig genoeg.  Hierna brachten we nog een bezoek aan de kampong, waar we weer begroet werden door druk zwaaiende kinderen.

 

 

Elke avond werd de dag geëvalueerd en werden de plannen voor de komende dag besproken onder 't genot van een drankje en 'n hapje. De kinderen waren nu oud genoeg om ook aan de alcoholische drank te gaan. Uiteraard wel met mate.

home / vertrek / Malang / Yogjakarta / Baturaden / Pangandaran / Bandung / Tanjungpinang / Bogor / 
 hotels Java / hotels Riau / Bogor Sukabumi 1997 / Bandung Pangandaran 1997 / Baturaden 1997  
/
Dieng Plateau / Yogjakarta Sarangan / Bromo Kalibaru / Bali / kaarten / foto's