De putter
Homepage
Problemen door eenzaamheid
Een hond is geen klimtoestel
Huisdieren in de winter
De dingo
Over honden
Over honden 2
Over katten
Over katten
Over konijnen
Over konijnen
Een konijn is geen wegwerpartike
Konijnen in het wild
De Cavia
Mijn cavia's
De hamster
De tamme rat
De tamme muis
Fretten
De gerbril
De chinchilla's
De bever
Kamer- en volièrevogels
Afrikaanse prachtvinken
Inlandse vogels
De putter
Parkieten
De koolmees
De Appelvink
De merel
Roodborstje
De spreeuw
De ekster
De kraai
De wilde eend
De fuut
De meerkoet
Vissen voor de tuinvijver
Amfibiën in je tuin
De mug
Mieren
Ook dieren kennen verliefdheid
Vieze beestjes?Uitroeien!
Dierenspreekuur
Dierenleed melden
Dierenmopjes
Plaatjes en animatie
Gezegdes
Tips
Favoriete links
Vraag & antwoord
De putter

Omschrijving

De putter is door de bont gekleurde kop van zowel het mannetje als het vrouwtje een onmiskenbare vogel die met geen enkele andere vogel te verwarren is. In de vlucht valt vooral de brede, gele vleugelstreep over de verder zwarte vleugel op. Ook de zang van de putter is duidelijk herkenbaar en bestaat uit een snelle opeenvolging van korte, gevarieerde tonen. De putter laat de zang vooral in de vlucht te horen.

Buiten de broedtijd wordt de putter vaak in groepjes gezien in de buurt van distels. Om deze reden wordt de putter ook wel distelvink genoemd. De snavel van de putter is lang voor een vinkachtige, zodat de vogel makkelijk bij de zaden van distels en klissen kan komen, hierbij hangt de putter vaak ondersteboven.

 

 

PUTTER

UITERLIJK

Met zijn prachtige kleuren is de putter een exoot in onze verder zo braaf gekleurde vogelwereld.Een rood met zwart gezicht,omkranst door wit en dan weer zwart,afgetekend langs de schedel en achter de oren.Op de zwarte vleugels ligt een geel veld met de heldere kracht van een rijpe citroen.De witte stuit vormt een scheiding tussen de zachtbruin gekleurde rug en de zwart-witte staart.Aan de onderkant is de putter fraai wit met beige flanken.

GEDRAG

De vrolijke aard van de putter wordt onderstreept door het kenmerkende 'stiegelit'.En het zijn heel sociale vogels die graag in zwermen op distels en andere zaaddragende gewassen vallen en als ze worden opgeschrikt met veel 'stiegelit'en gehuppel weer opvliegen.De zang is een vrolijk gekwetter,waarin de kenmerkende roep telkens weer vervlochten is.Verder zijn deze 'exoten' bepaald niet bang voor kou:ze wijken 's winters hooguit uit naar Frankrijk of de Middellandse Zee en keren vrij vlug terug.

VOORKOMEN

Als de groenlingen  en de Europese kanarie al op onkruid aangewezen zijn,dan is de putter daar nog veel meer op gericht.Zijn spitse snavel met de scherpe kanten is een specialistisch instrument om bij de diepzittende distel-en kliszaden te kunnen komen.Daarom leeft hij vaak in open landschap met enkele bomen(voor het nest),waar nog distels,klissen en andere wide planten genoeg zijn.Steden en dorpen met niet al te ijverige tuinliefhebbers worden ook geregeld bezocht.

BROEDGEDRAG

Het vrouwtje bouwt een zeer net nest,dat aan de buitenzijde met korstmos wordt gecamoufleerd,bij voorkeur op de buitenste takken van een vrijstaande boom of hoge struik.In de hefst is het tussen het loof verborgen nest goed te zien en je vraagt je af hoe de kleine putters groot geworden zijn midden in het autoverkeer en tussen de mensen.De 4-6 eieren hebben roodbruine krulletjes en vlekken op een bleekblauwe ondergrond.Het vrouwtje broedt alleen en wordt dan door het mannetje gevoederd.De broedtijd duurt 11-13 dagen,de jongen blijven 12-15 dagen in het nest.Een tweede legsel is heel gewoon.

VOEDSEL

Bijna uitsluitend zaden van de meest uiteenlopende planten,zoals paardebloem,klein hoefblad,distels en kaardenbol,bokkenbaard en zonnebloem,maar ook van bomen als berk en els.Zelfs de jongen krijgen in de krop voorgeweekte zaden en af en toe ook eens een paar bladluizen.

HULP

Laat uw tuin verwilderen,dat is de beste manier om dit prachtige en altijd vrolijke vogeltje te lokken.Of het ook lukt met voederplekken het hele jaar door,valt te betwijfelen,omdat er niets boven verse zaden gaat.


De putter is één van de minimaal  128 vinkensoorten die voornamelijk voorkomen in Eurazië en Noord-Amerika. Orde : Passeriformes - familie : Fringillidae - geslacht : Carduelis en soort : Carduelis carduelis.
Kleurige, rood met geel gevederde flitsen schieten tussen de pluizige distelhoofdjes wanneer foeragerende putters er behendig de zaden uit pikken.  Putters worden ook wel distelvinken genoemd, wat eigenlijk een veel betere naam is voor deze juweeltjes met hun magische combinatie van rijke kleuren, klaterende, tinkelende zang en dansende vlucht.
In het voorjaar neemt de mannetjesputter een nestelplaats in een bos of boomgaard in beslag en verdedigt deze tegen aanvallen. Hij zingt luidkeels, vanaf hoge uitkijkposten, en imponeert in trage zangvluchten. Een door zijn zang aangelokt vrouwtje mengt zich in de hofmakerij, waarbij beide vogels hun vleugels spreiden en zich draaien om de gouden streep te laten flitsen. Vervolgens bouwt het vrouwtje een buitengewoon keurig, komvormig nest van geweven gras, haren en spinrag, bekleed met wol en disteldons. Het bevindt zich meestal op een dunne tak, verscholen tussen de bladeren. Ze broedt de eitjes in haar eentje uit en blijft twee weken op het nest zitten terwijl het mannetje haar van voedsel voorziet. De kale jongen zijn vliegvlug als ze zo'n twee weken oud zijn en verlaten rond die tijd het nest. De ouders blijven hen echter nog ongeveer een week voeren voordat ze vertrekken voor een tweede legsel.
Putters zijn sociale en praatgrage vogeltjes die vrijwel altijd in groepen of kleine familieverbanden leven en gezellig met elkaar kwetteren terwijl ze voedsel zoeken in een onkruidrijke berm. Putters houden van verwilderde plekjes, afgelegen hoekjes en verlaten boerderijen, leegstaande fabrieken en verwaarloosde tuinen. Dat komt omdat ze gespecialiseerd zijn in de zaden van hoog onkruid en hun acrobatische talenten aanwenden om aan dunne, zwiepende stengels te hangen en ondertussen de zaden te eten.
Alle vinken zijn zaadeters, maar verschillende zaden vragen een verschillende aanpak. Zo zijn sommige vinken notenkrakers. De snavel van de putter is een scherp precisiewerktuig, ideaal om in de stijf verpakte zaadhoofden van distels en klissen te prikken om er het fijne, pluizige zaad uit te halen. Gedurende het broedseizoen krijgt de putter extra proteïne binnen in de vorm van kleine insecten en spinnen, die hij tussen de bladeren van bomen en struiken en van hoge onkruiden oppikt.



Er is relatief weinig verschil tussen man en pop.In het algemeen kan gesteld worden dat de mannetjes een iets langere snavel hebben en dat het rood op de kop verder naar achteren doorloopt.Verder zijn de snorharen en de vleugelbocht bij de man diep zwart van kleur terwijl deze bij het popje meer bruingrijs van kleur zijn.De zang is bij deze vogels geen maatstaf omdat beide geslachten zingen.


Voor het bouwen van het nest dient nestmateriaal in de vorm van koksvezel,hooi ,grashalmen,mos en veertjes verstrekt te worden.Ze hebben de voorkeur aan lichtgekleurd nestmateriaal.Indien dit nestmateriaal voldoende aanwezig is zal de pop overgaan tot het bouwen van een nest.