De Kokmeeuw
Kokmeeuwen eten voornamelijk visjes en bodemdieren,maar op vuilnisbelten en schoolpleinen zijn ze vaste bezoekers en ze kennen de tijden waarop er wat te halen valt.Controle op de aantallen lijkt niets op te leveren.Jacht en vernietigen van eieren schijnt kokmeeuwen nauwelijks te deren.Er verblijven er de laatste jaren in Nederland wel een kwart miljoen.Kokmeeuwen hebben zwemvliezen en dat houdt verband met hun vermogen om te zwemmen.
Echter,ze zitten ook vaak op gebouwen en lantaarnpalen.Als een landbouwer zijn akker omploegt,wemelt het al gauw van de kokmeeuwen.De boer mag zich daar in verheugen ; veel schadelijke dieren worden opgegeten.
In het algemeen is de kokmeeuw best nuttig,maar in zijn broedgebied verdringt hij vaak andere vogels en is hij een geduchte voedselconcurrent.Bovendien is hij niet vies van pas uitgevlogen vogels: eens zag ik hoe een kokmeeuw een jonge groenling ving.
De broedgebieden liggen vaak in de duinen,maar ook in kwelders en zoetwatermoerassen(De Peel).In strenge winters trekken kokmeeuwen wel weg, vooal als er veel sneeuw ligt : dan is voedsel onbereikbaar geworden.
Onze vogels zijn dan wel weg, maar honderdduizenden andere trekkende kokmeeuwen komen dan naar ons land terug,vooral langs de kust.
Het zomers-en winterkleed verschillen nogal.