Noten les
Notenles door onze instructeur
 
 Grafverzorging 
 klik hier om terug tekeren naar 
 Nog meer foto,s haanrade straten 
 nog meer bijzonderheden ,geb. 
 Geslaagden van Haanrade 2007 
 Patroonsdag Juliana,46 2007 
 Bonds feest 24-6-2007 Hubertus 
 Processie haanrade 2007 
 foto,s Oranje optocht 2007 Haanr 
 Fluit en Tamboerkorps " Eurode " 
 Welkom page Eurode 
 federatie Festival 2003 
 Laatste nieuws van Eurode 
 Oprichters + Oudleden 
 Het bestuur en leden 
 Eurode Loterij 
 Ons Programma 
 Wist u Dat ? 
 onze foto album (overige) 
 Onze foto album (Carnavals) 
 Overige van Eurode 
 Favoriete links 
 Onze gewonnen prijzen 
 Ons Secretariaat. 
 Eurode Carnavals Prinsen galerij 
 Onze Muziek 
 Hompage Instructeur W. Offermans 
 Noten les 
 Eurode Drums 
 GastenBoek 
 Karnavals optocht 2004 
 Bezetting Corps 
 Grepentabel Pijperfluit (sandner 
 
 
Dit notenleer komt uit het boekwerk dat ik in 1997 geschreven heb om de leden van fluit en tamboerkorps eurode.
Noten bij te brengen,op een makelijke wijze ik hoop dan ook dat ik ieder die hieraan deelneemt dan ook een beetje weg wijs
kan maken met de muziek noten.
Het is maar een beknopte versie zo dat men vlug aan de slag kan.
Mocht men een uitgebrijde versie hebben neem dan gerust even kontakt op voor de mogelijkheden die ik te bieden heb.
Ik hoop dan ook dat er mensen zijn die hier kennis van op doen.

Instructeur W.J Offermans.


Les 1


Les 1


1. Tekens om tonen zichtbaar te stellen noemt men noten.
2. Men plaats de noten op vijf boven elkaar liggende lijnen, die samen notenbalk genoemd worden.
3. Boven en onder de notenbalk worden lijnen geplaats voor noten, waarvoor de notenbalk geen plaats meer heeft. Deze lijntjes
worden hulplijntjes genoemd.
4. De benaming van de eerste noot hangt af van de zogenaamde sleutel.
5. De volgende sleutels zijn er: Sol (g) Sleutel. Deze sleutel wijst aan, dat de noot op de 2de lijn de sol (g) is. Verder
is dat dan als volgt:

Onder de 1ste lijn staat de d. Tussen de 1 ste en de 2 de lijn staat de f.
Op de 1 ste lijn staat de e. Tussen de 2 de en de 3 de lijn staat de a.
op de 2 de lijn staat de g. Tussen de 3 de en de 4 de lijn staat de c.
op de 3 de lijn staat de b. Tussen de 4 de en de 5 de lijn staat de e.
op de 4 de lijn staat de d. Boven de 5 de lijn staat de g.
op de 5 de lijn staat de f.

Dan heb je nog de fa (f) sleutel. Deze sleutel wijst aan, dat de noot op de 4 de lijn de fa (f) is. Verder is het dan als
volgt:

Onder de 1ste lijn staat de f. Tussen de 1 ste en de 2 de lijn staat de a.
Op de 1 ste lijn staat de g. Tussen de 2 de en de 3 de lijn staat de c.
op de 2 de lijn staat de b. Tussen de 3 de en de 4 de lijn staat de e.
op de 3 de lijn staat de d. Tussen de 4 de en de 5 de lijn staat de g.
op de 4 de lijn staat de f. Boven de 5 de lijn staat de b.
op de 5 de lijn staat de a.

Dan heb je nog de C sleutel. Deze sleutel wijst aan, dat de noot op de 3 de lijn de c is.
Deze hebben wij bij fluit en tamboerkorpsen echter nietnodig.
Daarom ga ik er verder niet op in.
En doen wij het met deze 2 sleutels de g en de f later komt er nog de percussie sleutel bij deze is voor tamboeren.





Dit blad hoort bij les 2


Zoals u kunt zien worden hier de maten uit gelegt en hoe men bepaalde noten achter alkaar op een notenbalk weergeeft enz.

Les 3 zal na de zomer vakantie 2002 hier op deze site geplaats worden vragen en opmerkingen kunt u altijd bij onze Instructeuur
doen. kijk hiervoor op de page van onze instructeur of klik hieronder op mail.



Les 2


Les 2


Zo als u bij les 1 kon zien hebben we verschillende noten.
die ook verschillende lengte (de duur) Hebben.
Hierna volgt enkelle uitleg verschillende noten.
De helenoot of rust duurt 4 tellen.
De Halvenoot of rust duurt 2 tellen.
De Kwartnoten of rusten duren 1 tel.
De 8ste noten of rusten duren halve tel.
De 16de noten en rusten duren 1 kwart tel.
De 32ste noten en rusten duren 1/8ste tel.

6. Een helenoot of rust heeft 2 halve noten, rusten 4 kwarten, 8 achsten, 16 zestienden of 32 twee en dertigsten.
Een halvenoot of rust heeft 2 kwartnotehn, rusten, 4 achsten, 8 zestienden of 16 twee en dertigsten.
Een kwartnoot, of rust, heeft 2 achste noten, rusten, 4 zestienden of 8 twee en dertigsten.
Een 8 ste noot of rust heeft 2 zestiende noten ,rusten of 4 en dertigsten.
Een zestiendenoot of rust heeft 2 twee en dertigste noten, rusten.

7. Ieder muziekstuk is verdeeld in vakjes van gelijke inhoud. Zulke vakjes noemt men maten. De rechtstaande lijnen die elke
maat afsluite heten maatstrepen.

Om de inhoud van elk zo'n vakje (maat) aan te duiden, gebruikt men de volgende tekens:

4/4 = Een vier kwartsmaat.
3/4 = Een drie kwartsmaat.
2/4 = Een twee kwartsmaat.
3/8 = Een drie achstemaat.
6/8 = Een zesachste maat.
9/8 = Een negen achste maat.
12/8 = Een twaalfachte maat.
enz.

Het getal wat voor de deler staat noemt men de teller en het getal wat achter de deler staat noemt men de noemmer.
de teller telt de noten en de noemmer noemt de noten.
Dat wilt zeggen als je een 2/4 maat hebt.
dat de teller 2 is en de noemmer 4 of tewel kwart is.
Dat betekent dat in die maat steeds maar de telling mag zijn va 2 tellen.
b.v 1 halvenoot of 2 kwartnoten of 4 8ste noten of 8 zestiende noten enz.


Deze tekens worden aan het begin achter de sleutel geplaats bij elk muziekstuk.