Daniël de Ridder
Daniël de Ridder
HomeJari LitmanenRafael vd VaartWesley SneijderDaniël de RidderSDVB B1ExtraLinks
Daniël de Ridder


Paspoort
Naam: Daniel de Ridder
Geboortedatum: 6 maart 1984
Afkomst: Nederlands, Israëlisch
Lengte: 1.80
Speelt voor: Jong Ajax



Biografie
Daniel de Ridder doorliep de jeugdopleiding van Ajax, zijn ontwikkeling verliep snel, na 2 jaar B1 sloeg hij de A2 over en voegde zich meteen bij de A1 van Danny Blind, waarmee hij vorig jaar kampioen van de Shell Junioren Eredivisie werd. Vorig jaar haalde Daniel ook zijn eindexamen op het gymnasium in Amsterdam. Daarom speelde en trainde Daniel vorig jaar maar weinig en speelt hij dit seizoen op nieuw voor de A1.

Op 21 Oktober 2002 debuteerde Daniel in de thuiswedstrijd tegen Jong Willem II voor Jong Ajax in de Beloftecompetitie. Sindsdien speelt Daniel bijna elke week 2 wedstrijden, 1 voor de A1 op zaterdag en 1 voor Jong Ajax op maandag avond, mede door het gebrek aan spelers bij Jong Ajax.

Daniel ondertekende op 6 februari 2003 een contract voor 2 jaar bij Ajax, met een optie voor nog eens 2 jaar extra. John van 't Schip over Daniel: 'Daniel is een talent volle speler, hij heeft niet voor niets een contract gekregen. Hij heeft zijn contract afgedwongen bij de A1 en moet niet te lang bij Jong Ajax spelen, maar snel de stap naar het 1ste nemen'.

Daniel is vanaf volgend jaar vaste speler van Jong Ajax. 'Ik ga me volgend jaar vooral focussen op Jong Ajax, aan het 1ste denk ik nog niet echt, maar ik hoop zelf nog 1 seizoen bij Jong Ajax te spelen en daarna door te stromen naar het 1ste'.











Uit artikel in 'Sportweek' over de beste A-junioren

De Ridder ziet er niet meer uit als een schooljongen, maar meer als een man die zo ergens een catwalk op moet om een trendy jeansmerk te promoten. Als er achter zijn voornaam da Cruz Carvalho (de officiële naam van oud-Ajacied Dani) in plaats van De Ridder zou staan, zou je het misschien ook geloven. Dezelfde donkere halflange haren, dezelfde modieuze kledingstijl, dezelfde grote ogen die vrouwelijk Nederland vijf jaar geleden zo in vervoering brachten. Pardoes snelt de bloedmooie serveerster van The Chocolate Bar, een Lounge-café in hartje Amsterdam waar we hebben afgesproken, naar het tafeltje als De Ridder bij ons aanschuift.

Als we hem gelijk maar confronteren met de gelijkenis met de Portugees, knikt De Ridder. “Dat hoor ik wel vaker. Toen hij hier speelde, dachten mensen zelfs dat ik zijn broertje was. Ik kan het begrijpen. We lijken van een afstandje wel op elkaar, hebben allebei een goed stel hersens en spelen allebei het liefst op nummer tien. Het grappige is dat ik al sinds mijn geboorte Dani wordt genoemd door mijn familie. Op een gegeven moment kwam er dus een Dani bij Ajax spelen. Vond ik in eerste instantie wel jammer want het was mijn droom om met Dani op mijn rug bij Ajax te spelen. Nadat ik hem zag spelen, vond ik het minder erg. Prachtige voetballer. Veel flair.”

Het zijn dezelfde kwaliteiten die De Ridder worden toegedicht. Een man die kan scoren, maar nog liever gaat voor de mooie assist. “Eigenlijk ben ik meer een liefhebber van de oude nummer tien. Veel scoren, veel passes, niet al te veel verdedigen. Maar ik besef dat de moderne tien, die zich veel actiever met het spel bemoeit, de toekomst heeft. Daar moet ik nu aan werken. Ik moet concreter en constanter worden.”

Waar Van den Ouweland dweept met Bosvelt, is De Ridder, die volgend seizoen naar Ajax 2 gaat, idolaat van Jari Litmanen. “Jari is natuurlijk dé personificatie van de moderne nummer tien. Al jaren een voorbeeld. Ik was dolblij toen hij dit seizoen terugkeerde. Niet alleen maakt hij Ajax weer een stukje authentieker, hij is ook bereid dingen aan te reiken aan jonge spelers.
“Ik heb al één keer met hem gespeeld in het tweede. Of nou ja. Ik viel voor hem in na rust. Hoorde je de speaker: ‘Dames en heren een wissel aan de kant van Ajax: nummer tien Jari Litmanen verlaat het veld voor nummer acht Daniël de Ridder.’ Dat was wel mooi.”
Wellicht dat De Ridder volgend seizoen of het jaar erop met de Fin moet concurreren. “Tja, een heel apart idee. Ik bedoel Ja-ri Lit-manen, toch een idool van me en die moet ik dan uit de ploeg spelen. Zal moeilijk worden.”

Maar De Ridder zal niet onbeslagen ten ijs komen. Hij is gevormd door er jarenlang de bijna onmogelijke combinatie van gymnasium en de Ajax-opleiding op na te houden. “Als je die potentie hebt, moet je er voor gaan. Ik denk dat het goed is geweest voor mijn ontwikkeling als mens. Ik heb leren afzien Vorig jaar moest ik examen doen en had ik haast geen uur vrij. Tot op een bepaald punt kreeg ik steun van Ajax. Er werd gezorgd dat ik anderhalf uur per dag tijd onder begeleiding huiswerk kon maken. Maar verder gaan ze ook niet. Het blijft Ajax, dus voetbal staat voorop. Logisch. Eigenlijk heb ik het uiteindelijk allemaal zelf moeten doen. Nou ja wel met veel steun van mijn moeder.” Nu het gymnasiumdiploma in de tas is, gaat de Amsterdammer volledig voor het voetbal. “Het mooiste leven is toch dat van een voetballer.”