|
Hoogte: 5-75 cm Bloeitijd: het gehele jaar door
Hoofdbloeitijd: april-augustus Een- of tweejarig
Latijn: capsula=doosje; Bursa-pastoris=tas van de
herder Tasjeskruid, Zakjesbloem, Beursjeskruid, Lepeltjesdief, Bloed-kruid
Zelfkant
Ik houd het meest van de halfland'lijkheid:
Van vage weidewinden die met lijnen
Vol wasgoed spelen; van fabrieksterreinen
Waar tussen arm'lijk gras de lorrie rijdt,
Bevracht met het geheim der dokspoorlijnen.
Want 'k weet, er is waar men het leven slijt
En toch niet leeft, zwervend meer eenzaamheid
Te vinden dan in bergen of ravijnen
De walm van stoomtrein en van blekerij
Of van de ovens waar men schelpen brandt
Is meer dan thijmgeur aanstichter van dromen,
En 't zwarte kalf in 't weitje aan den rand
Wordt door een onverhoopt gedicht bevrijd
En in één beeld met sintels opgenomen.
Simon Vestdijk (1898-1971)
Een op zeven, uitgeverij Nijgh & Van Ditmar,
's-Gravenhage
Onkruid
Sommige plantjes staan echt aan de zelfkant langs 's heren wegen. We noemen ze minachtend ONkruid terwijl het vaak om heilzame soorten gaat. In de plantenkunde worden de plantjes ruderaal genoemd. De Romeinen verstonden onder rudera puinhopen en ruïnes. Ruderale vegetatie is beplanting die zich kan vestigen en handhaven op terreinen met een sterk wisselend gebruik en met een hoge graad van verwaarlozing van de bodem.
Vroeger waren ruderale gronden vooral puinige plaatsen, muren, vaalten en braakland. In de afgelopen twee eeuwen zijn daar spoorwegemplacementen, industrieterreinen, sportvelden, campings en gigantische stadsuitbreidingen bijgekomen. Gebouwen, opslagloodsen, grindstroken, asfaltwegen en betontegels zijn onbeschaamd binnengedrongen in weide, bos en heidegrond.
Planten van de zelfkant beschikken over een enorm incasseringsvermogen. Ze handhaven zich in stank en stof, gekneusd en geschonden, onder profielzolen, rupsbanden en wielen.....
Buidel of beurs
Als het om ruderale beplanting gaat, is het Herderstasje de algemeenste onder de algemenen. Het plantje dankt zijn naam aan de vruchtvorm, ook wel hauwtje genoemd. De hauwtjes lijken op de draagbuidels waarin de herders in de Middeleeuwen hun proviand meenamen. De burgers hadden een dergelijke buidel om hun muntstukken in te bewaren. In de Franse folklore heeft het Herderstasje niets te maken met de rustige, vreedzame herder en zijn brave schapen. Daar heet het plantje Bourse a Judas, naar de beurs van Judas, gevuld met zijn verradersloon.
Het Herderstasje bloeit en vermeerdert zich het gehele jaar door. Alleen wanneer het te streng vriest, stokt zijn levenscyclus. De plantjes variëren sterk in hoogte, afhankelijk van hun groei-omstandigheden, de bodemcondities en de tijd van kiemen. Laat in het jaar worden ze niet hoger dan 5 cm., maar als in de zomer alles meezit kunnen ze wel 75 cm. hoog worden! Bloeien ze heel lang achtereen, dan is de grijsaard aan de onderkant al verdord of beschimmeld, terwijl de bovenste etage lustig doorgaat zijn trossen te verlengen. Per stengel maken ze een paar honderd vruchtjes. Het hele jaar door kan het zaad ontkiemen, maar daarvoor is wel nodig dat de buitenste zaadhuid bacterieel wordt aangetast.
De onooglijkheid van het plantje is geen beletsel geweest om het medicinaal te testen. Dodoneaus schrijft: "Met een klysterie gebruyckt ende ingegoten kan het rood melisoen ghenesen ende doen ophouden" (rood melisoen is dysenterie). Een Engels manuscript uit de vroege Middeleeuwen beveelt het aan tegen kiespijn, maar dan moet de lijder het links in zijn mond kauwen als de pijn rechts zit. Elders is te lezen dat het herderstasje bloedstelpend is. Bij een neusbloeding uit het rechterneusgat dient de plant in de linkerhand gehouden te worden. En omgekeerd!
Volksgeloof
Het Herderstasje werd gewaardeerd als een kruid van de Voorjaarsreiniging. Tot deze reinigende kruiden werden verder o.a. de paardebloem, brandnetel, hondsdraf, duizendblad en verschillende loken (prei, knoflook, ui, bieslook, etc.) gerekend. Deze kruiden reinigen het lichaam met dezelfde werking, n.l. dat zij de uitscheiding van onbruikbare stoffen langs de natuurlijke wegen bevorderen (via urine, ontlasting, transpiratie, slijm of bloed).
Het voorjaar zag men als de beste tijd voor de grote schoonmaak van lijf en leden en ....van het huis. Een voorjaarskuur met reinigende kruiden deed men van van half februari tot half april. In het voorjaar zit de grootste hoeveelheid werkzame stoffen in de jonge blaadjes en scheuten. Men trok er thee van, at ze rauw, fijngesnipperd bij brood of groente of in de soep. Ook liet men kruiden in het badwater trekken.
Om de lucht in huis te reinigen, bijvoorbeeld na ziekte, gaf men de woning en de stallen een 'rookbad' met reinigende kruiden. Of men hing een bos kruiden aan de zolderbalk. De nachten tussen Kerstmis en Nieuwjaar heten van oudsher rooknachten. Dan werden op het boerenland de deuren en vensters van huis en stallen gesloten, de boer deed wat gedroogde kruiden in de rookpan, stak ze aan en ging met de rokende pan door het hele huis en de stallen en schuren, om er alle kwaad uit te drijven.
Bate of schade
In de moderne Kruidenencyclopedie staat het Herderstasje nog steeds vermeld. Het malse voorjaarsblad van het plantje is een vitaminenrijke toevoeging aan de salade. Het schijnt zelfs gezonder te zijn dan de eerste verse spinazie.
Medicinaal staat het plantje nog steeds bekend om zijn bloedstelpende werking. Thee van Herderstasje (soms samen met andere kruiden) wordt nog altijd vaak gebruikt als bloedreinigend middel dat de bloeddruk gunstig beïnvloedt, de bloedsomloop verbetert, het hart stimuleert, urinewegen ontsmet, blaasontstekingen tegengaat, menstruatiepijnen vermindert en bevallingen bespoedigt.
N.B. Juist vanwege die laatste weeënopwekkende werking mag het kruid absoluut NIET TIJDENS DE ZWANGERSCHAP worden gebruikt.

Reacties aan Betty Tulp op: betty@acroots.com
Toepassing van recepten is op eigen risico ! Publicatie (delen van) deze Groene Praatjes alleen na voorafgaande toestemming.
|